Deel dit op:
5. “Loochenen” in de Schrift
Als je zegt dat je ergens gereed of klaar voor bent, dan denk je dat je aan iets kunt beginnen omdat je goed bent voorbereid. Petrus dacht dat hij gereed was om samen met de Heer te sterven, maar de Heer zelf dacht daar duidelijk anders over …
Lucas 22
33 Hij nu zei tot Hem: “Heer, met U ben ik gereed
ook de gevangenis en de dood in te gaan!”
34 Hij echter zei: “Ik zeg jou Petrus,
in geen geval zal heden een haan kraaien
tot jij driemaal zal verloochenen
Mij te kennen.” [NCV]
Mensen kunnen soms gemakkelijk tot de conclusie komen dat ze ergens klaar voor zijn, maar God kan daar heel anders over denken. Want Zijn wil is dat we naar de Heer kijken en niet naar wat we allemaal ‘zelf denken te kunnen’. De Heer laat zien hoe groot Gods genade is. En bij genade krijg je iets wat je niet verdient en óók niet verdienen kunt1.
In je levenswandel ontken je Hem, als je het niet allemaal van God en de Heer verwacht. Petrus zou dat gaan ontdekken. Zoals het volk van God dat, als natie, eveneens ontdekken zal2. Uiteindelijk zal iedereen dat gaan ontdekken.
Op Gods tijd zullen mensen tot bezinning komen en Zijn Zoon niet langer loochenen. Op welke manier dan ook. Niet meer in hun denkpatroon en niet meer in hun wandel.
Wat een zegen als je niet meer hoeft uit te gaan van dat waarvan je meent ‘in staat te moeten zijn’3. Maar dat je door de Vader Zelf wordt voorbereid op “het werk van de Heer”, dat je door Zijn kracht mag doen4!
1. Rom.3:24 2. Zach.12:10 3. 2Kor.3:5-6 4. 1Kor.15:57-58
